Financiallease en uw boekhouding

Invloed financiallease op uw balans

Koopt u een auto middels een financiallease dan wordt u direct economisch eigenaar van de auto. Op de balans van uw onderneming wordt de auto opgenomen als activa, of wel bezitting genoemd. Tegelijk wordt de financial lease als een passiva, of ook wel schuld genoemd op uw balans geplaatst.

Gedurende de looptijd van de financiallease wordt de waarde van uw auto op de balans minder, door het boeken van jaarlijkse afschrijvingen. Aan de andere kant wordt uw financiallease schuld ook maandelijks afgeboekt door de aflossingen.

Voor het bepalen van de afschrijvingen moet uw boekhouder een inschatting maken van de vermoedelijke gebruiksduur en de eventuele restwaarde aan het einde van de gebruiksduur. De gebruiksduur zal afhangen van de intensiteit van het gebruik en waarvoor de auto en/of bedrijfswagen wordt ingezet. De stelregel is meestal dat de afschrijvingen over een vijftal jaren plaats vinden.

Invloed financiallease op uw winst en verliesrekening

Jaarlijkse afschrijving op de auto en rente kosten van de financiallease zijn een tweetal type kosten welke u mag opvoeren in uw winst en verliesrekening. Overige onkosten die verband houden met het bezitten van een auto mogen als kosten worden opgevoerd. Denk hierbij aan, verzekering, wegenbelasting, onderhoud en reparatie. Deze kosten hebben een effect op uw bedrijfsresultaat waardoor u minder IB belasting betaald. Indien u ook privé gebruik maakt van de auto dan worden de kosten met betrekking tot de auto gecorrigeerd voor het bedrag van de privé bijtelling.

Voor het bepalen van de afschrijving moet er een inschatting worden gemaakt van de vermoedelijke gebruiksduur en restwaarde. De berekening is dan als volgt: de aanschafprijs excl. btw verminderd met de restwaarde en gedeeld door de vermoedelijke gebruiksduur. Versnelde afschrijving middels een vast percentage van de boekwaarde is slechts in bepaalde uitzonderingssituaties toegestaan. Daarnaast bestaan er nog afwijkende afschrijvingsstelsels voor bepaalde bedrijfsmiddelen of groepen ondernemers, vraag altijd uw boekhouder naar uw mogelijkheden.

Autokosten vast en variabel

Voor de berekening van de autokosten moet u rekening houden met vaste en variabele kosten. Hieronder zetten wij ze per categorie voor u uit

Vaste kosten

  • Verzekering: Elke auto moet minimaal WA verzekerd zijn. Voor een nieuwe auto raden wij aan om deze All-risk te verzekeren. Uiteraard moet u zelf de afweging maken hoe waardevol uw auto voor u is en of u een eventueel verlies door eigen schuld financieel aan kan
  • Motorrijtuigenbelasting: zodra een kenteken op uw naam geregistreerd staat, bent u verplicht om hiervoor de motorrijtuigenbelasting te betalen. De hoogte van de te betalen motorrijtuigenbelasting wordt bepaald door de CO² uitstoot, ledig gewicht van de auto en de provincie waarin u woonachtig bent.

Variabele kosten

  • Brandstof
  • Onderhoud / reparatie
  • Banden

Investeringsaftrek

De belastingdienst geeft ondernemend Nederland een tegemoetkoming voor het investeren in bedrijfsmiddelen, de zogenoemde investeringsaftrek. Door de investeringsaftrek wordt uw belastbare winst lager waardoor u minder IB belasting hoeft te betalen. De kans is aanwezig dat u als (startende) ondernemer van deze regelingen kunt profiteren. Er zijn drie soorten investeringsaftrek mogelijk.

  • Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek
  • Energie-investeringsaftrek
  • Milieu-investeringsaftrek

U hebt recht op een investeringsaftrek als u in enig jaar voor meer dan € 2.301,- investeert in bedrijfsmiddelen. Deze investering vindt plaats in het jaar waarin u het koopt en dus een betalingsverplichting aangaat. Deze extra aftrek staat los van de boekwaarde van het bedrijfsmiddel en het bedrag van de jaarlijkse afschrijving. Voor de automotive branch gelden een paar belangrijke uitzonderingen:

  • Op auto’s met een geel kenteken (welke niet bestemd zijn voor het beroepsvervoer) geldt geen investeringsaftrek;
  • Voor auto’s die worden verhuurd aan derden is geen investeringsaftrek mogelijk;
  • Er geldt geen investeringsaftrek voor transacties tussen huisgenoten, ouders en kinderen, en transacties tussen een B.V. en haar aandeelhouders die meer dan 1/3 belang hebben.